Ouder worden doen we allemaal. Maar ouder worden betekent niet automatisch dat we steeds minder vitaal, fit en zelfstandig hoeven te worden. De laatste jaren is er dan ook steeds meer aandacht voor longevity: niet alleen langer leven, maar vooral langer gezond leven. Waar vroeger de nadruk bij gezond ouder worden vaak lag op het voorkomen van ziekten, wordt binnen het moderne longevity-onderzoek ook gekeken naar de biologische processen die met veroudering samenhangen. Hoe kunnen we onze gezondheid en vitaliteit zo lang mogelijk behouden en welke factoren spelen hierbij een rol? Je leest er meer over in dit artikel.

Wat betekent longevity?

Het Engelse woord longevity betekent letterlijk levensduur of lang leven. In de gezondheidswereld wordt het begrip tegenwoordig breder gebruikt. Het gaat niet alleen om de lengte van ons leven – de zogenaamde lifespan – maar vooral om de periode waarin we gezond, vitaal en zelfstandig functioneren. Dit wordt ook wel de healthspan genoemd. Het doel van longevity is dus niet simpelweg om zo oud mogelijk te worden. Het gaat erom zoveel mogelijk gezonde jaren aan het leven toe te voegen. Daarbij kun je denken aan:

  • lichamelijk fit en sterk blijven;
  • een goed functionerend brein en geheugen behouden;
  • voldoende energie hebben;
  • sociaal actief blijven;
  • een gezonde stofwisseling en cardiovasculaire gezondheid ondersteunen;
  • zo lang mogelijk zelfstandig blijven functioneren.

Longevity betekent dus niet alleen langer leven, maar vooral langer gezond leven.

Waar komt het begrip longevity vandaan?

De belangstelling voor een lang en gezond leven is niet nieuw. Al duizenden jaren proberen mensen te begrijpen waarom sommige mensen ouder worden dan anderen en welke factoren bijdragen aan gezondheid en vitaliteit op latere leeftijd. Binnen traditionele gezondheidssystemen, zoals Ayurveda en de traditionele Chinese geneeskunde, wordt veel aandacht besteed aan het behouden van gezondheid gedurende het hele leven. Voeding, leefstijl, beweging, rust en de balans tussen lichaam en geest spelen hierin een belangrijke rol.

De moderne wetenschappelijke bestudering van veroudering heeft vooral haar wortels in de gerontologie, de wetenschap die zich bezighoudt met het ouder worden en de gevolgen daarvan. Vanaf de twintigste eeuw zijn onderzoekers steeds meer gaan kijken naar de biologische processen die bij veroudering betrokken zijn. Daardoor is er een belangrijke verschuiving ontstaan. Veroudering wordt niet meer uitsluitend beschouwd als een proces waarbij het lichaam onvermijdelijk achteruitgaat. Onderzoekers proberen steeds beter te begrijpen welke mechanismen een rol spelen bij veroudering en welke factoren samenhangen met gezond ouder worden.

Welke factoren spelen een rol bij longevity?

Longevity is een breed en multidisciplinair onderzoeksgebied. Verschillende biologische processen en leefstijlfactoren hebben invloed op de manier waarop we ouder worden.

  1. Genetica
    Onze genen spelen een rol bij onze levensduur en bij de aanleg voor bepaalde aandoeningen. Toch bepalen genen niet alles. Ook leefstijl, omgeving en andere factoren hebben invloed op hoe we ouder worden.
  2. Celschade en DNA
    Gedurende ons leven ontstaat voortdurend schade aan cellen en DNA. Het lichaam beschikt over allerlei mechanismen om deze schade te herstellen. Naarmate we ouder worden, blijken sommige van deze herstelmechanismen minder efficiënt te functioneren.
  3. Ontsteking
    Ook chronische, laaggradige ontsteking krijgt veel aandacht binnen het longevity-onderzoek. Langdurige ontstekingsprocessen worden in verband gebracht met verschillende aandoeningen die vaker op latere leeftijd voorkomen.
  4. Stofwisseling
    De manier waarop ons lichaam energie en voedingsstoffen verwerkt, verandert eveneens gedurende het leven. De stofwisseling speelt onder andere een rol bij de regulatie van glucose en vetten, de energievoorziening en het onderhoud van lichaamsweefsels.
  5. Spiermassa en fysieke conditie
    Naarmate we ouder worden, verliezen we gemakkelijker spiermassa en bewegen we vaak minder. Dat kan gevolgen hebben voor de stofwisseling, lichamelijke kracht en zelfstandigheid.
  6. Hersen- en cognitieve gezondheid
    Ook de gezondheid van het brein speelt een belangrijke rol binnen longevity. Onderzoekers kijken onder andere naar het behoud van geheugen en andere cognitieve functies en naar factoren die de gezondheid van de hersenen gedurende het leven kunnen ondersteunen.
  7. Cellulaire veroudering
    Op het niveau van de cellen wordt eveneens veel onderzoek gedaan. Daarbij wordt onder andere gekeken naar processen zoals autofagie – een natuurlijk proces waarbij cellen beschadigde of niet goed functionerende onderdelen afbreken en opruimen. Dit soort cellulaire processen helpt onderzoekers beter te begrijpen wat er in het lichaam verandert naarmate we ouder worden.

Longevity gaat over kwaliteit van leven

De belangstelling voor longevity laat zien dat onze kijk op ouder worden aan het veranderen is. Het gaat steeds minder alleen over hoeveel jaren we aan ons leven kunnen toevoegen en steeds meer over hoeveel van die jaren we gezond en vitaal kunnen doorbrengen. Longevity gaat daarmee misschien minder over het najagen van eeuwige jeugd en meer over zo lang mogelijk goed kunnen leven.